Jippie! Vandaag mocht ik de peuters weer zien! Van te voren kreeg ik al berichtjes van verschillende ouders dat hun kind er weer veel zin in had om te komen. Bij binnenkomst liet de moeder van Giulietta weten dat Giulietta het gedurende de vakantie veel over me heeft gehad (‘Ik hou van juf Mirjam’) en dat ze zelfs over mij en de bijeenkomsten droomde. Ook Mette stond te popelen vertelde haar oma. ‘Ze heeft er zo ontzettend veel zin in.’ Hetzelfde bericht kreeg ik van de moeder van Kiann, die al met de maan, sterren en aarde bezig was geweest de afgelopen dagen. Voor het eerst deed Alexander vandaag mee. De jongste van het stel. Dat was even wennen en veel nieuwe indrukken. Hij toonde zich verlegen en dapper tegelijk. Deed alles mee, aan mijn hand en soms ook los. Dat vind ik knap!

We begonnen in de kring met het lezen van een verhaal ‘Ik wil de maan’. Er kwam een fijn gesprek op gang. Mette vertelde dat zij de maan weleens had gezien. In de nacht. Kiann zei dat hij hem ook had gezien. Een halve maan! Dat was wel interessant om het even over te hebben. De maan is rond en soms zie je maar de helft of een heel klein maantje. ‘Wie heeft er weleens sterren gezien?’ Ook hier riepen een paar kinderen van wel. ‘Zie je die dan overdag?’
‘Nee joh, in de nacht!’
We bekeken in het boek een plaatje van sterren. Fonkelende sterren. Dit herhaalde de kinderen. Het woord ‘fonkelend’ klinkt mooi. Zeker als het door een peuter wordt uitgesproken, kan ik je vertellen 😉
Ik vertelde de kinderen dat de zon ook een ster is en dat de sterren en de zon heel veel licht geven en heel heet zijn. ‘Wisten jullie dat?’
‘Nee, van het licht, dat wisten ze. Maar dat een ster heel heet is, wisten ze allemaal nog niet.’

Samen hebben we een sterrenhemel gemaakt. Op een stukje zwart gemaakte muur (een vuilniszak; zo makkelijk kan het soms zijn) hebben we samen sterretjes geplakt. Eerst gooien met de dobbelsteen. Hoeveel sterren mag je plakken? Het plakbandje op de ster krijgen en de ster weer op de hemelmuur was een hele uitdaging en een mooie training voor de fijne motoriek. Alexander deed het twee keer samen met mij en de derde keer ging hij los. De ster bleef plakken en ik vond het mooi hoe hij zijn trots durfde te laten blijken: ‘Kijk, ik heb hem geplakt. Hij zit erop’. Dat had hij knap gedaan door goed met zijn vingers op het plakbandje te duwen. Dat heb ik hem dan ook gezegd, waardoor zijn ogen gingen stralen en hij nog eens naar de opgeplakte ster keek.
Kiann legde op de grond zijn sterren in een mooie positie en zei dat hij een sterrenbeeld had gemaakt. Dit vond hij leuker dan het plakken. Ik vroeg me stilletjes af waar hij geleerd had over sterrenbeelden. Wat weten ze toch veel.

Tijd voor een beweegspelletje! De hoepels waren sterren. Ieder kreeg een eigen ster en ik gaf ze opdrachten. ‘Ga op je ster staan.’ Au au, heet! De kinderen trippelden met hun voeten. ‘Ga voor je ster staan!’ Wat is dat licht! Handen voor je ogen. Enz. Zo leerden we speels over de ster en de voorzetsels. Hier zag ik ook weer dat als je je ster vanuit een ander gezichtspunt bekijkt ‘er vóór gaan staan’ een andere positie is. Ik keurde alles goed. Ze hebben gewoon gelijk. Zo dacht ik als kind zelf ook.

Vervolgens hebben we ‘Maansteentje leggen’ gespeeld (a la zakdoekje leggen) en daarbij geleerd dat de maan heel veel stenen heeft.

De kinderen mochten een ster mee naar huis. Eentje die licht geeft in het donker. Die werd opgeplakt op een gekleurd papier, dat ze mooi hebben versierd. Ik vond het leuk om te zien dat Giulietta haar papier extra mooi maakte door het aan de onderkant in te knippen. Ze heeft zo haar eigen stijl, die kleine meid!

Mette wilde eigenlijk nog alletwee de andere boekjes lezen die ik mee had en wist nog een hoop andere spelletjes te bedenken, maar het was helaas alweer tijd. Tot volgende week! Dan komt er waarschijnlijk nog een nieuwe deelnemer bij.

Namen zijn waar dit gewenst was aangepast. 

Mocht u dit lezen en denken: ook leuk, leerzaam en goed voor mijn peuter! Neem dan even contact op via het contactformulier, telefoon, of door een mail te sturen.