Spelmakers heb ik gezien! Afgelopen zaterdag kwamen er zes kinderen naar Knappe Koppies. Vandaag gingen ze de grondbeginselen leren van het ontwikkelen van een bordspel. Als eerste kregen ze een overzicht. Wat zijn de stappen om een spelmaker te worden? Waar moet je aan denken en wat heb je nodig? We spraken over spelregels, materialen en wanneer win je? Maar als eerste moet je als spelmakers bedenken wat voor soort spel je wil maken. Opgedeeld in twee groepjes van drie mochten ze kiezen uit drie opties:
– Een Quiz
– Een spel waarbij de pionnen van alles overkomt. Zoals bij Ganzenbord. Maar dan een eigen versie met zelfbedacht thema.
– Een spel waarbij de deelnemers allerlei opdrachten uit moeten voeren. Je kunt fishes winnen en natuurlijk moet je afspreken wie er wanneer wint.

Jorien kwam mij vandaag helpen, zodat elk groepje altijd begeleiding had. Dat was prettig! We wisselden af van groepje. Even een nieuwe kijk op de zaak en ook de andere groep bezig zien, is fijn.
Ik heb de bijeenkomst als prachtig en tegelijk ook pittig ervaren. Natuurlijk is elk kind anders en dat vind ik juist zo mooi aan het werken met kinderen. Elk team had zijn eigen proces en erop terugkijkend waren allebei de processen mooi.

Het ene team bestond uit drie enthousiaste jongens die graag met elkaar in het team wilden, in de leeftijd van zes en zeven jaar. Dit was vanaf de start prachtig om te zien. Er werd gebrainstormd en overlegd. Al heel gauw kwamen zij in actie en gingen ze bezig met het materiaal dat al op tafel lag. Ze hadden van mij de uitdaging gekregen om een aantal attributen te gebruiken. Verder mochten ze alles van de materialentafel pakken. Al gauw werd besloten dat ze voor een spel wilden gaan waarbij de pionnen van alles overkwam. Het thema werd: Angry Birds! Ze vonden gekleurde balletjes die goed op de figuurtjes leken en er werden zelfs snavels gemaakt van pijpenragers die precies in het gaatje van het bolletje paste. Het proces ging door nu de figuren tot leven waren gekomen. Het speelveld werd gemaakt. Het veld kreeg allerlei verraderlijke vallen, zoals een lava lawine en op een ander punt kwamen de pionnen klem te zitten in een pijp. Dan waren ze Game over, of nee, dan konden ze alleen nog bevrijd worden door een nieuwe pion van het eigen team. Maar wanneer kon je dan een nieuwe pion op het bord krijgen? Ook daar moest over nagedacht worden. Er werd overlegd en goedgekeurd. De stappen op het bord werden geknipt en geplakt. Met daarop de tekens van wat wat betekende. Daarvoor werden tekeningen gemaakt en stempels gebruikt. Wanneer je bijna op het einde was kon je ook nog op een vakje terecht komen met een vliegtuig. De neus wees naar het startpunt. Dan weet je het wel…
Er werden ook camera’s toegevoegd en er was nog een ander eng figuur uit Angry Birds die ze ergens op het einde stond op te wachten.
Kortom het bruiste! De kinderen werkten superleuk samen en de taak in de begeleiding zat hem in het structureren en soms erop wijzen dat ze de ideeën moesten overleggen en overeenkomen. Er kwam een supergaaf spel uit die we zelfs op het einde hebben uitgeprobeerd. Dat ging wonderbaarlijk goed. Ook gezien het gooisysteem. Ze hadden geen dobbelsteen, dus dat werkte met kaartjes die getrokken moesten worden. Daar stond dan bijv ‘6 + 1’ op. Dat vond ik ook nog leuk gevonden. Een rekensom.
Ik heb gezien hoe Sem goed voor zichzelf opkwam en zijn stem liet horen. ‘Weet je nog, we hadden toch afgesproken dat…’ En hoe Kasper creatieve ideeën had en die ook gelijk ging maken. En hoe Sem en Mason dan weer met nieuwe ideeën kwamen en hierop door gingen. Mason kon goed regels bedenken en zo kreeg het spel steeds meer vorm. Top!

Een ander proces was er gaande bij het andere groepje. Die bestond uit een jongen van zeven en een meisje van zes. Later zou hier nog een meisje van nog geen vijf jaar bij aansluiten. Zij kwam deze bijeenkomst helaas wat te laat en het was ook nog eens haar eerste bijeenkomst.
De start verliep stroef. Het meisje had moeite met het bedenken van dingen. Ze gaf aan liever dingen te maken dan dingen uit te denken. De jongen was spraakzaam, maar de focus op het spel was moeilijk. Een contrast tussen twee kinderen. Het was flink aftasten tussen deze twee kinderen met zulke verschillende persoonlijkheden en kwaliteiten.
Met hulp zijn ze eruit gekomen dat ze graag een bordspel wilden maken waarbij de deelnemers dingen moesten uitvoeren. Er werd veel gestructureerd en Lily bleek een kei in het uitvoeren, zoals ze zelf al had aangegeven. Het knippen van de vlakken voor het speelveld ging goed. En ik vroeg haar op welke vakjes er dan een opdracht zou komen? Was het misschien leuk als die een andere kleur kregen? Ja! Daar zou Lily dan groene knippen in plaats van blauw. Maar eerst wilde ze de blauwe nummeren. We spraken af dat ze dan na elke drie blauwe een groene zou invoegen. Zodoende moest ze dus bijzonder nummeren bij de blauwe. Dat pikte ze heel goed op en hier leek ze plezier in te hebben.
Boudewijn was juist een goeie bedenker. Hij bedacht de gekste opdrachten die de deelnemers moesten uitvoeren. Zoals een ‘knieënwedstrijd’ en ‘als een regenboog gaan staan’. Hij kon zelf heel goed voordoen hoe dit er allemaal uitzag. Daar moest Lily dan af en toe om lachen. Een stroeve start, aftasten en het ontdekken van elkaars kwaliteiten. Maar ook dit groepje kwam er wel! Tussendoor kwam onze laatkomer, Suus het team nog versterken. Dat was wel even wennen, want zij had zin om te tekenen en knutselen en ging ervoor op haar eigen manier. Uiteindelijk heeft zij een prachtige prijs geknutseld voor degene die het spel zou winnen.
Ook dit team heeft het spel uitgeprobeerd en het werkte goed. Trots op deze kanjers!

 

Twee processen dus. Een groepje kinderen dat helemaal in dezelfde lijn dacht en elkaar kon aanvullen en versterken. En een groepje kinderen die elkaar moesten aftasten en waarbij de kwaliteit van eenieder ergens anders lag. Zodra die modus was gevonden, mét structuur en motivatie van buitenaf, maakten ook zij samen iets moois!